anders-leren-blog-beelddenkenEen paar weken geleden komt een jongen voor een kennismakingsgesprek naar mijn praktijk Anders Leren voor de Davis Autisme Aanpak. Hij zegt dat hij het monumentale pand waarin mijn praktijk is gevestigd een mooi gebouw vindt. Ik beloof hem de volgende keer een rondleiding te geven. De keer erna hebben we hard gewerkt en daardoor vergeet ik bijna de beloofde rondleiding. Gelukkig bedenk ik mij dat op tijd.

Mijn praktijkruimte bevindt zich op de eerste verdieping en vandaar uit lopen we het gebouw helemaal rond. We bekijken het keukentje, de binnentuin en bewonderen de mooie kapel met glas-in-lood-ramen. Als we bijna terug zijn bij mijn praktijkruimte merk ik dat hij stopt bij de trap en eigenlijk niet verder met mij de gang in wil lopen naar mijn praktijkruimte. Hij heeft nog net niet zijn voet op de trap naar boven gezet, maar zijn hele houding geeft aan dat hij een andere richting uit wil. Na een beetje aandringen loopt hij toch mee. Ik zeg nog iets in de trant van: ‘Volgens mij kun jij er geen genoeg van krijgen en wil je nog wel uren rondkijken’. We zijn tenslotte al een poosje weggeweest en ik wil met hem en moeder samen nog één en ander doorspreken en dan de bijeenkomst afronden. Als we aan het afronden zijn komt de rondleiding nog even ter sprake en mompelt hij iets wat ik bijna niet kan verstaan: ‘nou ja rondleiding, het was natuurlijk niet echt een rondleiding’. Dit is nou zo’n mooi voorbeeld van wat er in de communicatie tussen mensen met een voorkeur voor verbaal denken (woorddenken) en een voorkeur voor non-verbaal denken (beelddenken) kan misgaan. Ik vraag hem wat hij met zijn opmerking bedoelt.

Zijn beeld bij een rondleiding door het gebouw is het beeld van ‘alles’ laten zien. Mijn idee/beeld bij de rondleiding was een kort rondje door het gebouw en de meest interessante dingen laten zien. Voor hem voelt het als het niet nakomen van een belofte. Dit gevoel maakt hij vaker mee. Regelmatig overkomt hem dit ook op school en kan hij ook het gevoel krijgen dat iemand niet de waarheid spreekt of dat hij volgens hem doet wat er wordt gezegd. Vervolgens blijkt dit gedrag ‘fout’ te zijn en doen anderen het blijkbaar wel goed.

Voor mij was het logisch om niet ieder detail en alle (zelfde) verdiepingen te laten zien. Kinderen die meer visueel zijn ingesteld hebben vaak het idee dat zij dingen fout doen, omdat bijna alle andere iets doen en jij net iets anders doet. Vaak is het de spreker die een dubbele of een onduidelijke boodschap geeft. Vaak is er in de woordkeuze dan ruimte voor een andere interpretatie. Laten visueel ingestelde kinderen daar nou juist in uitblinken, dingen vanuit een ander perspectief bekijken! Ik geef altijd aan dat het niet om goed of fout gaat, maar dat je een ander beeld, of zelfs geen beeld of een onvolledig beeld kan hebben bij woorden.

Ik leg uit welk beeld ik voor ogen heb bij de rondleiding en hij vertelt zijn beeld: “Dat je alles laat zien en we zijn helemaal niet overal geweest, niet op de tweede verdieping en ook niet in kelder”.  Ik leg uit dat als we het ‘beeld’ (betekenis) bij elkaar niet checken er vaak communicatieproblemen ontstaan. Als dit al gecheckt wordt gebeurt dit vaak in woorden en wordt er vanzelfsprekend aangenomen dat het beeld hierbij ook overeenkomt. Daar kom je niet achter als je vraagt wat heb ik gezegd maar wel als je bijvoorbeeld vraagt wat voor beeld heb jij daarbij, of hoe zie je dat voor je of hoe stel je je dat voor?

Het leuke voor deze jongen dat hij in dit geval gewoon gelijk heeft. Ik heb het jeugdwoordenboek erbij gepakt. Rondleiding stond er niet in maar het werkwoord rondleiden wel.
Rondleiden: ‘Als je iemand ergens rondleidt, laat je hem of haar alles zien. Je vertelt er dingen bij die leuk zijn om te weten.
En tja, eerlijk is eerlijk, alles is dan ook echt alles! Anders is het geen echte rondleiding!